Afbeelding

Leerkracht

Column

Wat je altijd hoort van mensen, die op een of ander gebied iets bereikt hebben: ooit zijn ze erg geïnspireerd door een docent. Ho, ho, dat ”docent” mag echt niet meer hoor! Vroeger werd men docent genoemd; die doceert namelijk en dat schijnt niet meer te mogen. Hij dient te luisteren en te begeleiden, wat dat ook moge betekenen. Een rol van ondergeschikte aard, want het suggereert immers, dat het werk gedaan wordt door de leerling, pardon, de student. Tegenwoordig zijn docenten allemaal krachten, leerkrachten, geworden. Ik wens ze veel sterkte.

En die hebben ze nodig ook. Want de leerkracht is tegenwoordig allereerst opvoeder. Ooit kon je als docent, pardon leraar, pardon, leerkracht, zeggen: luister eens meneer/ mevrouw, ik ben er niet om uw kind op te voeden, dat doet u zelf neem ik aan, ik ben er om het iets te leren, de basis te leggen voor een vak. Zoiets zeggen is volgens mij tegenwoordig volkomen onmogelijk. Je krijgt meteen je ontslag. Ho, ho, weer fout! In deze tijd van schreeuwende lerarentekorten zal ontslag wel zeer onwaarschijnlijk zijn. Ontslag kan hoogstens in het geval van grensoverschrijdend gedrag, een leerkracht is er immers om iets aan een leerling te leren, niet om aan te zitten.

Weer helemaal van voor af aan dus: Je hoort nog wel eens dat mensen hogelijk geïnspireerd zijn door een docent/ leraar/leerkracht, die hem of haar kundig en enthousiast voor iets wist te interesseren, die hem/haar zag zitten en die erin slaagde om tot dan toe ongeziene capaciteiten te wekken, waarvan de leerling niet eens wist, dat hij die had. Hoogst onwaarschijnlijk is het, iemand enthousiast horen vertellen over een lesboek. Waarmee weer heel duidelijk is, dat bij onderwijs de centrale figuur toch de docent, leraar, leerkracht is. Dat is misschien zo vanzelfsprekend, dat we het daarover niet eens hoeven te hebben. 

Nou, zo vanzelfsprekend was, is dat toch niet bij de overheid, bij adviescolleges en pedagogische bureaus. Daar was de leraar alleen een begeleider en moest onderwijs vooral inspirerend en leuk zijn. Inspirerend. Ja, natuurlijk. Leuk? Waarom eigenlijk? Niets is uit zichzelf leuk of interessant. Als je al na een halve minuut bij een film, bij een boek, bij een..., nou eigenlijk bij wat voor onderwerp of vorm van aanbieding ook, besluit, dit is niks, hup, over naar het volgende, waar je nog korter verblijft, dan is alles saai. Keer op keer blijkt, dat iets pas interessant en dus leuk wordt, als men zich erin verdiept.

Nu brengt de tijdgeest helaas mee, dat alles snel en efficiënt moet zijn. Zich werkelijk in iets verdiepen lijkt steeds verder weg te raken. Alleen wetenschappers doen dat, veel meisjes en jongens al helemaal niet meer. Hun concentratieboog wordt steeds korter, zich tien minuten lang met hetzelfde bezighouden is al de uiterste limiet. 

Maar nu gaat de slinger van de tijdgeest toch weer de andere kant op. Dat er in de klas geen mobieltjes meer mogen, is al het eerste duwtje.

Uit de krant